Gratis Levering aan huis vanaf €29 | Gratis click & collect in de winkel

Hoe kies ik de juiste banden voor mijn fiets of mountainbike?

DECATHLON geeft je advies bij het kiezen van het type banden volgens je fiets. Heb ik een smalle of brede band nodig? En welke maat? Hoe moet ik een fietsband afhalen en weer opleggen?

Woordenschat en theorie Bovenaan de pagina

Een band is het gedeelte van het wiel dat contact maakt met de ondergrond.  Hij wordt op de velg gelegd, binnenin de band zit meestal een binnenband.


In een aantal bijzondere gevallen vormen de velg en de band één luchtdicht geheel en heb je geen binnenband nodig: we hebben het dan over het Tubeless-systeem. Een band wordt gekenmerkt door verschillende aspecten: de lengte en de breedte, het gebruik en de voordelen. Je moet weten dat er heel wat verschillende soorten banden bestaan, die stuk voor stuk passen bij een  fiets, een  persoon, de omstandigheden en het terrein.

Elke band heeft zijn voor- en nadelen en is ontwikkeld voor een vooraf bepaald optimaal gebruik.

Maat van de banden voor MTB's en hybride-, stads- en kinderfietsen Bovenaan de pagina

De lengte wordt meestal aangeduid in 'inch'. Een lengte van 14 inch (genoteerd als 14") komt overeen met heel kleine wielen van een kinderfiets of van bepaalde vouwfietsen. Bij 20" spreken we over BMX-wielen.Dan is er ook 26", de standaardmaat voor de meeste klassieke fietsen en MTB's voor volwassenen.


De dikte varieert tussen 1" (heel fijn) en 2,7" (heel dik). De meeste stadsfietsen zitten rond de 1.5 inch, de klassieke MTB's rond 2.0 inch.
Bij alle banden wordt de maat aangegeven op de band zelf. De notatie is van het type 26x1.9 (lengte 26 inch, dikte 1,9 inch).

Maat van racebanden Bovenaan de pagina

Voor racefietsen wordt de bandenmaat aangegeven in cm. Die is doorgaans 700 (komt overeen met 28") en soms 650 (26"). 


De bandendikte of 'doorsnede' van de band gaat van 18 (heel dun) tot 25 (breed) of zelfs 35 voor cyclocrossbanden.

Banden voor hybride- en stadsfietsen Bovenaan de pagina

In de stad kies je best voor slickbanden. Die banden zijn nagenoeg volledig glad.  Ze hebben hier en daar wat profiel om het water af te voeren bij regen of in vochtige weersomstandigheden. Deze banden moeten goed worden opgepompt (afhankelijk van de instructies van de maker op de binnenband). Hoe harder een band staat, hoe minder wrijving met de ondergrond. Zo kan je veel gemakkelijker trappen en moet je je minder inspannen om even snel te gaan. Op het asfalt en het beton in de stad geven gladde banden een uitstekende grip en een optimaal rendement.


Ook op het platteland, of als je zowel in als buiten de stad komt met je fiets, is het aangewezen om met vrij gladde banden te rijden. Wat meer profiel is in dat geval wel zeker nuttig, om te vermijden dat je uitglijdt op zand of modder of onderuit gaat bij nat weer. Ze kunnen ook licht gekarteld zijn opzij, voor een betere bochtenligging.

Banden voor racefietsen Bovenaan de pagina

Bepaalde criteria zijn meer of minder van belang afhankelijk van het gebruik dat je van je racefiets maakt: het gewicht van de band uiteraard, maar ook de bandendikte of de ideale bandendruk om vlot te kunnen fietsen. De bandendikte zal rond de 18 liggen als je op de piste rijdt of op heel effen fietspaden. Doorgaans zal bij een klassieke band je keuze rond de 22-23 liggen. Als je je niet echt op je gemak voelt met dunne bandjes, of wanneer je in de eerste plaats op zoek bent naar comfort, dan zijn banden van 25 een uitstekend compromis. Cyclocrossers hebben speciale banden nodig (dun en met noppen), die meer of minder breed zullen zijn afhankelijk van de staat van het parcours (hoe slechter en/of hoe natter het erbij ligt, hoe breder en geprofileerder je banden moeten zijn).


De druk speelt een heel belangrijke rol, fijne banden staan erom bekend een optimaal rendement te bieden op de weg. Raadpleeg gerust de handleiding van de fabrikant voor meer informatie.

MTB-banden Bovenaan de pagina

Afhankelijk van de discipline en de manier waarop je je MTB gebruikt kan het bandentype enorm uiteenlopen. Hier is de juiste bandenkeuze enorm belangrijk, aangezien het gevaarlijk kan zijn om de foute banden op je MTB te leggen.


Als je een recreatieve mountainbiker bent en in de stad of op het platteland rijdt, kies dan voor vrij geprofileerde banden. Ze mogen noppen hebben, maar geen te lange. Hoe fijner ze zijn (1.7", 1.8"...), hoe beter ze presteren op gemakkelijk terrein (asfalt, verharde wegen...).


Als je een intensievere mountainbiker bent (XC, trekking...) en bijvoorbeeld vaak in het bos te vinden bent, ook bij regenweer, dan moeten de banden nog meer profiel hebben en breder zijn (tussen 1.9 en 2.2 inch).


Mountainbikers die aan freeride, downhill of enduro doen en vaak in de bergen en op heel lastige tracks komen, kiezen best voor de breedst mogelijke buitenbanden (2.3" tot 2.7"). Ze moeten veel profiel en lange noppen hebben. De voorband moet ook opzij het nodige profiel hebben om bochten te kunnen nemen zonder dat je wegslipt.

Banden voor kinderfietsen en BMX Bovenaan de pagina

Voor kinderfietsen 


Kies een klassieke band (niet in plastic bijvoorbeeld), het is immers belangrijk dat je kind een perfecte grip heeft. Let er zeker op dat je de juiste maat kiest, want kinderfietsen kunnen uitgerust zijn met heel wat verschillende wielmaten (van 14 tot 24 inch). 


Voor BMX'en 


Kies banden van 20" die speciaal gemaakt zijn voor de BMX (stevigere banden). Afhankelijk van de discipline (race, dirt, vrije tijd) kies je voor een meer of minder gladde band (betonnen ondergrond: gladde band; zand: licht gegroefd).


Bekijk alle banden voor kinderfietsen en BMX:

Een band opleggen en afnemen Bovenaan de pagina

Een band afnemen
1) Voorbereiding

Haal het wiel uit de fiets door de bouten langs weerszijden los te draaien of de snelspanner te openen.
- Haal het ventieldopje van het ventiel (de plek waar je de band oppompt)

- Laat de band af door op het ventiel te duwen. Je hoeft niet te wachten tot de lucht er allemaal uit is, als hij zacht genoeg staat moet het wel lukken. Een tip van b'Twin: je kan de band heel gemakkelijk aflaten met een uiteinde van je bandenlichter!


2) De band verwijderen

- Nu begint het serieuze werk! Om je band af te nemen duw je eerst de flanken van de band naar binnen. Normaal gezien zal de band dan loskomen van de velg en naar binnen plooien.


- Dan is het tijd om je bandenlichters boven te halen. Gebruik ze als hefbomen om de band uit de velg te lichten. Let er wel op dat de binnenband er niet tussen zit. De meeste bandenlichters kan je vastklemmen op een spaak, om de band buiten de velg te houden. Herhaal die handeling tot één kant van de band volledig uit de velg zit.


 - Zodra een heerste helft van de band uit de velgrails zit, kan je de binnenband van het wiel nemen. Eens je dat hebt gedaan kan je ook de buitenband heel gemakkelijk van de velg nemen met de handen.


- Als je ook het velglint wil verwijderen, gebruik dan een schroevendraaier om het uit de ventielopening te trekken. Velglint is doorgaans heel elastisch en kan je gemakkelijk verwijderen.

Een band opleggen 


1) Voorbereiding 


- Als je wiel al velglint heeft (elastisch lint dat de binnenkant van de velg bedekt) kan je meteen naar het volgende punt. Anders doe je eerst het volgende: als je velg geen velglint heeft, dan moet je dat eerst plaatsen. Het zorgt er immers voor dat je minder snel lekrijdt: de binnenband zou kunnen springen als hij rechtstreeks op de velg zit. Een klein handigheidje: plaats het gaatje in het velglint ter hoogte van de ventielopening en plaats je schroevendraaier erin.  Zo kan je de rest van het velglint (meestal redelijk elastisch) heel gemakkelijk plaatsen zonder dat het beweegt. 


- De richting van een band. Ja hoor, de meeste banden hebben een looprichting. Die staat meestal op de band zelf aangegeven met een klein pijltje of met de aanduiding front/rear, respectievelijk voor- en achteraan.


2) De band opleggen


- Je moet eerst een kant in de velg plaatsen, dat kan heel gemakkelijk met de hand.
Eens de rechter- of de linkerkant in de velg zit, kan je overgaan naar de volgende stap.


- Plaats eerst de binnenband, die je lichtjes oppompt. Haal het ventiel door de opening in de velg voor je de band volledig oplegt.


- Het enige wat je nu nog moet doen is de tweede kant van de band op de velg leggen.
Dat kan je eerst met de hand doen, maar zodra dat wat te lastig wordt, neem je je bandenlichters erbij en gebruik je die als hefboom om de rest van de band te plaatsen.
(let erop dat de binnenband niet tussen de bandenlichter gekneld raakt!)


- Tot slot hoef je enkel nog te controleren of de band goed op de velg ligt, en dan kan je de binnenband oppompen. Het dopje nog op het ventiel schroeven, en klaar is kees!